De oude kasseienweg

Nieuwstraat/Holz ca. eind jaren 50 in het zicht van Herzogenrath, Aachener Straße (Gemeentearchief Kerkrade)

Er was al een verharde weg vanuit Aken in de richting van Heerlen en Herzogenrath. De verharde weg heette toen “Pont Steinweg”, de huidige Roermonder Straße. Daaraan aansluitend werd tussen 1783 en 1794 een ruime weg met een volledig nieuw tracé aangelegd. Deze liep via Richterich-Kircheich-Pannesheide-Holz-Herzogenrath (Rolduc)-Ritzerfeld-Boscheln naar Hünshoven bij Geilenkirchen, waar hij aansloot op de weg Aldenhoven-Puffendorf-Geilenkirchen-Sittard, die al sinds 1781 bestond. De nieuwe weg had een grotendeels recht verloop en was tot kort voor Geilenkirchen geplaveid met gehouwen stenen. Dit was toen nog een bijzonderheid in dit gebied. Daarom werd deze weg ook wel steenweg of kasseienweg genoemd.

Verschillende “heerlijkheden” waren betrokken bij de ontwikkeling van deze weg. Vanaf de aansluiting op de “Pont Steinweg” aan de Akense grens tot Pannesheide was de heerlijkheid Heyden verantwoordelijk. De abdij van Klosterrath (Rolduc) nam de verlenging van de doorgaande weg door het voormalige land van `sHertogenrode voor haar rekening. Het was een ongeveer 12 kilometer lang stuk weg dat van Pannesheide via Herzogenrath naar de grens van het Ambt Geilenkirchen liep. In mei 1783 had keizer Josef II van Oostenrijk de abdij Rolduc toestemming gegeven om op eigen kosten nieuwe wegen aan te leggen in het Land van Rode. De laatste 2 tot 3 kilometer voor Geilenkirchen vielen onder de bevoegdheid van het hertogdom Jülich. Dit deel werd echter niet geplaveid, maar alleen ontwikkeld als een verharde weg. De nieuwe en geplaveide weg Aken-Geilenkirchen werd dus gecreëerd door het plattelandsdorp Heyden en de abdij Klosterrath. Het is opmerkelijk dat een geestelijke instelling de wegenaanleg in het land van ‘sHertogenrode op eigen kosten uitvoerde. Het was de toenmalige abt P.J. Chaineux die zich hiervoor bijzonder heeft ingezet en voortreffelijk werk heeft geleverd. De nieuwe wegen in dit gebied waren bedoeld om extra afzetmarkten te openen voor de talrijke kolenmijnen van Rolduc, Kerkrade en het Land Heyden en zo ook economische voordelen te creëren voor deze regio.

Tijdens de Napoleontische periode werd deze weg intensief gebruikt, maar nauwelijks opgeknapt. Vermoedelijk was de weg niet van groot militair belang voor de Fransen. Al in 1814, onder voorlopig Pruisisch bestuur, werd onmiddellijk begonnen met het herstel van deze weg.

De huidige Duits-Nederlandse grens werd bepaalld tijdens het Congres van Wenen in 1815 en in het Verdrag van Aken op 26 juni 1816 met de Neustraße/Nieuwstraat en de rivier de “Worm” als natuurlijke grens vastgelegd. Voor 1795 behoorden Herzogenrath en Kerkrade tot het “Land van Rode” en tussen 1795 en 1814 tot het Franse Keizerrijk. Met de verdeling van het land Rode tussen Nederland en Pruisen, die werd besloten op het Congres van Wenen in 1815, moest de nieuwe grens worden bepaald en werd de scheiding van Herzogenrath en Kerkrade bezegeld.

De geplaveide weg werd Pruisisch grondgebied.

(Bron: Heimatblätter des Kreises Aachen/editie: Preußische Meilensteine im Aachener Raum, maart 1993, Günter Marenberg)

Het overwegend rechte stratenplan werd afgebeeld op de Tranchot kaarten van 1805-1807:

Blad 76 Herzogenrath toont het gedeelte van de Nieuwstraat als “Pave d’Aix la Chapelle a Guelenkirchen” in het onderste gedeelte van de kaart. Dit is het gebied vanaf Kerkrade/Blijerheide via Kerkrade/Holz en de Aachener straat tot aan de afslag naar Rolduc.

Auszug Tranchot-Karte, Blatt 76

Blad 86 Aachen toont het gebied Richterich richting Pannesheide als “Chaussee de Rolduc”.

De grensstenen langs de Nieuwstraat zijn nog steeds op verschillende plaatsen te vinden. Voor de Eerste Wereldoorlog en tussen de wereldoorlogen was het de taak van de burgemeesters van Kerkrade en Herzogenrath om de grensstenen te controleren.

Grenzstein 232A hinter dem EBC (Foto: Zweckverband Eurode)

Grenzstein 229 in Pannesheide/Roermonder Straße (Foto: Zweckverband Eurode)

https://www.kuladig.de/Objektansicht/KLD-252637 )
Na de Tweede Wereldoorlog overwoog Nederland om grotere aangrenzende Duitse gebieden te annexeren. Deze territoriale aanspraken werden door de Geallieerde Hoge Commissie afgewezen, maar kleine grensaanpassingen werden wel goedgekeurd. Deze wijzigingen vonden plaats op 23 april 1949. In het grensgebied tussen Kerkrade en Herzogenrath betrof dit het gebied tussen de grensstenen 229 en 239. Tussen de grensstenen 229 en 231 betrof dit de Neustraße/Nieuwstraat, die in 1949 over een lengte van 1.600 meter zeven meter naar het oosten werd verplaatst. De weg werd daarmee Nederlands grondgebied. Deze grens werd uiteindelijk vastgelegd in het Duits-Nederlandse Grensverdrag van 8 april 1960. Sinds het Verdrag van Schengen van 1993 is deze grens open.

Scroll naar boven